banner
jun 14, 2025
252 Views
Reacties uitgeschakeld voor De Ieperse Longchamps

De Ieperse Longchamps

Written by
banner

Het jaar 1869. Het koninklijk bezoek is al lang uit de herinnering van de Ieperlingen verdwenen als een nijpende vorst in januari de wateren rond onze stad bevriest en de schaverdijners en de slijders er met hun sleden naartoe lokt. In zoverre dat de Verdronken Weiden op zondag en maandag letterlijk bedekt zijn met een vrolijk gezelschap van beide geslachten. De Ieperse Longchamps is naar daar verplaatst.

Een weldoende verandering in de dampkring doet die aanlokkelijke vermaken echter verdwijnen, want het dooit al twee dagen. Februari 1869 betekent een cruciale tijd voor de Lamotteschool. Een koninklijk besluit plaatst de school onder de hoede van het stadsbestuur. Het is een maatregel die allerminst naar de zin is van de katholieken. Al enkele dagen loopt het gerucht in de stad dat er op vrijdag 19 februari wel eens een aardige grap zou kunnen plaatsvinden ter gelegenheid van het buitenzetten van de nonnen uit de Lamotteschool. De weldenkende inwoners slaan er geen acht op. Ze schrijven de roddel toe aan enkele ‘dibben’ die zich baseren op ongegronde en leugenachtige betichtingen. Maar die bewuste ochtend staan ze toch wel te kijken als de Rijselstraat zich vanaf 5u30 vult met opgewonden vrouwen. De menigte groeit zodanig aan dat de straat om 9u letterlijk ingenomen is van het volk.

Honderden vrouwen dringen zich voor de deur van de Lamotteschool. Mannen uit de lagere volksklasse wandelen er heen en weer. Volgens de krant zijn ze allen opgestookt door klerikale wraaklustigen die de zusters voorstellen als martelaressen. De manifestatie ontaardt geleidelijk aan wanneer men er jenever gaat schenken. Niet alleen aan de mannen, maar vooral aan de vrouwspersonen. Het uitzinnig en walgelijk volksbetoog eindigt met een dans van jeneverdronken wijven.

Nog voor het aanbreken van april is het laatste barakje van de Grote Markt verdwenen en is er geen spoor meer terug te vinden van onze jaarlijkse foor. De krantenverslagen van wat er allemaal te beleven was, zijn best levendig en hebben het over een bonte mengeling van alle mogelijke soorten dieren, met uitzondering dan van kiekens. In een barak vocht een man tegen een beer en overwon die. Een kind gekleed in paardenvlees rolt zich tussen de wolven. Op andere plaatsen kon men kijken naar hokken met wilde dieren die als filosofen lagen te slapen of te mediteren over hun verloren vrijheid. En men kreeg er de geur bovenop. Het onbegrijpelijkste van de hele foor was de onthoofde man, een hoofd dat achteraf zonder baard gezien werd bij het drinken van een pint in herberg ‘De Zonne’.

Het aanleggen van een ijzerweg langs de kasseiweg van Diksmuide kan in juli 1869 op veel bijval rekenen. De gemeenteraad van Diksmuide geeft er in alle geval een positief advies aan. Tussen beide steden zullen drie stations gebouwd worden. Een schoon voertuig van twee ‘stagien’ hoog zal door twee sterke paarden in grote galop voortgetrokken worden. Op die manier kan de afstand van Diksmuide naar Ieper in een goede vijf kwartier afgelegd worden.

Op zondag 8 augustus vindt de grote opening van de herstelde oude schepenkamer plaats. Aan die werken is een heel lange geschiedenis aan voorafgegaan. Een decennium van restauraties aan de binnenzijde van de lakenhalle is achter de rug. Dankzij Charles Rogier heeft de regering budgetten voorzien die bestemd zijn voor het tot stand brengen van muurschilderingen in ons land, en dus ook in Ieper. Dankzij het intense lobbywerk van Alphonse Vandenpeereboom kan Ieper zich verzekeren van twee contracten.

Een eerste om in de oostelijke zaal van de lakenhalle deze muurschilderingen aan te brengen, verspreid over twaalf composities, met de afbeelding van de meest markante gebeurtenissen uit onze lokale geschiedenis sinds de ontwikkeling van onze instellingen tot aan de aanstelling van Filips de Stoute in 1384. Het tweede contract verbindt de Antwerpse historieschilders Guffens en Swerts ertoe om schilderingen aan te brengen in de schepenkamer, gebaseerd op de specifieke geschiedenis van de stad Ieper. En vandaag – na al die jaren – is onze schepenkamer nu eindelijk afgewerkt. De oude werkruimte van onze stedelijke magistraten is teruggebracht in zijn oorspronkelijke monumentale schittering en zijn kunstwerken herinneren de Ieperlingen nu opnieuw aan de vroegere stijl en harmonie van deze ruimte tijdens de zovele opmerkelijke episodes uit de Ieperse geschiedenis.

Op 29 augustus treft een verschrikkelijk drama het gezin van Ernest Merghelynck. Gisteren om 19u overleed Ernest schielijk en tot overmaat van ramp sleept de dood zijn echtgenote Laura Carton vanochtend om 11u naar de eeuwigheid. Hun dood blijkt al snel het gevolg te zijn van een vergiftiging. Een grondig onderzoek wijst in de richting van een Parijse apotheker die wel eens verkeerde geneesmiddelen kan geleverd hebben. De dagbladen in binnen- en buitenland krijgen lucht van dit gebeuren.

Uit hun artikelen blijkt het om een vergissing te gaan waarbij kinine verward zou zijn met strychnine. Het onderzoek loopt. Ook andere rampen zijn niet ver weg. Zo bijvoorbeeld een vreselijke storm die zich in de nacht van 12 op 13 september ontwikkelt boven de Noordzee. Ook onze stad en omgeving krijgen te maken met het natuurgeweld. Naast de dood van een jong kind bij Ieper-Hoekje ziet men in onze streek achteraf niets anders dan omgewaaide bomen, die liggen er zo massaal bij dat ze wel gezaaid lijken. De berichten die binnensijpelen vanuit zee zijn niet rooskleurig, men vreest dan ook voor grote scheepsrampen. Een aantal waarnemers voorspelt alvast een strenge winter, zo een exemplaar als die van 1829-1830. Die blijft gelukkig uit.

Dit is een fragment uit ‘Het Boek – De Geschiedenis van Ieper’.

Article Categories:
Het Boek
banner