banner
nov 2, 2025
157 Views
Reacties uitgeschakeld voor De opstart van het ocmw

De opstart van het ocmw

Written by
banner

Januari 1531. De grote lakennijverheid van Ieper, de basis van het ontstaan van deze stad had 100 jaar na het beleg van Ieper in 1383 veel van zijn pluimen verloren en zweefde op de rand van het bankroet. Een document uit 1485 dat deze stand van zaken vaststelde, schetste een bijzonder somber beeld van die tijd en beschreef de uiterste ellende die toen heerste in Vlaanderen, een miserie die op het einde van de 15e eeuw zelfs nog slechter was te Ieper. Alle maatregelen die getroffen waren door de hertogen van Bourgondië, door de stad en door de ambachtsgilden, bedoeld om de vroegere lakennijverheid nieuw leven in te blazen, waren zonder resultaat gebleven en niets kon de stad Ieper nog uit zijn complete decadentie doen oprijzen.

De straten en steegjes van onze stad werden nog meer dan in andere steden verzwolgen door bedelaars. Bedelen was een beroep geworden, een stiel die zowel de veiligheid als de openbare orde in het gedrang bracht. Dergelijke toestand was ontoelaatbaar. Om er een einde aan te maken, nam men aanvankelijk repressieve maatregelen en zwaaide het stadsbestuur met de strengste straffen. Heel wat plakkaten en lokale reglementen verordenden om de bedelaars op te sluiten en hen op water en brood te plaatsen. De opgepakte bedelaars dienden zelfs tot bloedens toe gemarteld te worden en ze kregen de strengste straffen.

Deze toen nog barbaarse berechting lag nog altijd in de handen van de magistraten. Ondanks die strenge (zeg maar wreedaardige) bestraffingen bleef de kwaal van de armoede en het bedelen maar verder toenemen. De Ieperse magistraten begrepen als eersten dat er om die plaag te genezen geen repressieve maatregelen nodig waren, maar dat er preventieve maatregelen dienden getroffen te worden in de plaats van het vervolgen van die arme lieden die vergingen van de honger of hen te laten lijden en vaak in de gevangenissen te laten sterven aan de hongersnood.

Volgens hen was het beter om tegemoet te komen aan de echte noden, werk te verschaffen aan de valide mannen en wat moreel te verschaffen aan de behoeftige klasse. Dergelijke principes werden bij het begin van de 16e eeuw nog altijd beschouwd als sociale woeker en waren volgens sommigen zelfs tegenstrijdig met de kerkelijke doctrines. Om een nieuw systeem tot ontwikkeling te brengen, dienden onze schepenen al hun moed, verantwoordelijkheid en overtuiging in de weegschaal te werpen. En dat tegen alle heersende vooroordelen in.

De problematiek werd eerst en vooral onderworpen aan een ernstige studie. In die tijd beschikte het Ieperse magistraat zoals gebruikelijk over raadsleden-pensionnarissen, de zogenaamde ‘Raeden ten buffette’. Dat waren geleerde juristen. Eén van die twee; Colard de Wulf, een fervente, geduldige en energieke vernieuwer, ontpopte zich tot het gezicht van de voorgestelde hervorming. Het was volgens mij deze de Wulf die de cruciale principes van een actieplan neerschreef en de man die later de nieuwe doctrine met de nodige passie en inzet verdedigde tegenover alle critici.

Volgens het project van reglement dat ontwikkeld werd door Colard de Wulf moesten alle bijdragen, weldadigheid, giften en aalmoezen, alle inkomsten van de armentafels en de godshuizen zoals de inkomsten van stichtingen in één grote pot terechtkomen die bestemd was voor de armen in het algemeen, een zogezegde stedelijke beurs. Dat stedelijk fonds moest bestuurd worden onder de hoge leiding en de controle van het stadhuis en dus a priori burgerlijk zijn en niet geestelijk.

De grote stadsraad of ‘Groot Gemeente’ of het schependom diende de gouverneurs, de verdelers en de armenmeesters en alle bedienden van die stedelijke beurs te benoemen. De rekeningen, inkomsten en uitgaven van deze instelling werden onderworpen aan de controle en goedkeuring van de stedelijke autoriteiten. De gouverneurs bestuurden de arme bevolking en konden reglementen opstellen, meer bepaald om arme valide behoeftigen tot werken te dwingen en hun kinderen naar school te sturen. Ze konden hen niet enkel hulp ontzeggen, maar hen ook bestraffen en zelfs diegenen laten opsluiten die weigerden om te werken of om hun kinderen naar school te zenden.

Diezelfde gouverneurs werden eraan gehouden om de nieuwgeboren weeskinderen aan voedstermoeders toe te vertrouwen en om hen later te plaatsen in de school die gesticht was met de stedelijke beurs, of in pension bij particulieren, of als leerjongens of -meisjes te plaatsen bij behoeftige volwassenen.

Tot slot werd het bedelen absoluut verboden, zelfs niet aan de poorten van de kerken. Hoe dan ook mochten de broeders van die geestelijke bedelorden, de andere religieuzen die leefden van de weldadigheid, de gevangenen, de bedevaarders en de leprozen blijven vragen om aalmoezen. Die uitzonderingen bevestigden als het ware de algemene regel. Op die manier steunde de hervorming op een privatisering van de weldadigheid, het verplichten om te werken en onderwijs te volgen, samen met het verbod om te bedelen.

Alle artikelen van het nieuw reglement werden in 1525 geformuleerd en verordend. Vooraleer die in uitvoering te brengen, had het magistraat die onderworpen aan het oordeel van een buitengewone algemene vergadering die samengesteld was uit hoge functionnarissen van de clerus, de hoofdmannen van de diverse gilden en de meest notabele burgers van de stad. Deze algemene vergadering kwam op 5 november 1525 samen in diezelfde schepenkamer waar de mooie compositie van kunstenaar Swerts in de 19e eeuw ons later zou doen herinneren aan de oprichting van de stedelijke beurs.

De vergadering keurde het project van reglement goed en besliste dat die voor een bepaalde proefperiode in voege zou worden gebracht. De datum van die vergadering en van de voorlopige goedkeuring van het nieuw reglement verdienden om onthouden te worden. Want die bewees dat deze hervorming die later in heel het land toegepast zou worden hier ten voorlopige titel te Ieper geïntroduceerd werd en dat die er gekomen was op initiatief van de Ieperse magistraten.

Dit is een fragment uit Boek 1529-1599 van De Grote Kroniek van Ieper

Article Categories:
1529-1599
banner